ADHD blijkt bij bijna 3% van de Nederlandse 60-plussers voor te komen. Bij ouderen typeert ADHD zich door depressiviteit, angstigheid en eenzaamheid. Er is nog weinig onderzoek naar ouderen en deze stoornis beschikbaar. Ook in de klinische praktijk blijft het onderbelicht.

Dit concludeert onderzoeker Marieke Michielsen in haar proefschrift waarmee ze op maandag 16 november 2015 promoveert bij VUmc.

ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder) is een chronische psychiatrische ontwikkelingsstoornis die bij ongeveer 5% van de kinderen en 4% van de volwassen voorkomt. Bij kinderen en jongere volwassenen kenmerkt de stoornis zich door beperkingen op verschillende gebieden, zoals sociaal, academisch, relationeel en werk.

Volwassenen met ADHD zijn vaker gescheiden en ervaren vaker dat ze onderpresteren op studie en werk. Hoewel er de laatste jaren veel onderzoek is gedaan en aandacht is geweest voor ADHD bij volwassenen, is er nog maar weinig onderzoek gedaan onder 60-plussers.

“Gezien de chronische aard van ADHD en de problemen die kinderen en volwassenen met ADHD ervaren, valt te verwachten dat ook ouderen de stoornis kunnen hebben”, zegt onderzoeker Marieke Michielsen.

60-plussers met ADHD vaker depressief en eenzaam
“Uit onze onderzoeken blijkt dat 2,8% van de Nederlandse 60-plussers ADHD heeft. Ook blijkt dat ouderen met ADHD meer last hebben van eenzaamheid, depressiviteit en angstklachten dan ouderen zonder ADHD. Verder zagen we ook dat ouderen met ADHD vaker gescheiden zijn en een lager inkomen hebben. De meeste 60-plussers gaven aan dat zij de negatieve gevolgen van ADHD op hogere leeftijd steeds minder storend vinden omdat onder andere de druk van werk en gezinsleven is weggevallen”, aldus Michielsen.

Bewustwording creëren
Omdat er in de klinische praktijk bij ouderen nog weinig aandacht is wil Michielsen dat er meer bewustwording komt voor het feit dat ADHD ook bij ouderen kan voorkomen. Bij de behandeling van 60-plussers dient er aandacht te zijn voor eenzaamheid, depressie en angst. Voor haar proefschrift heeft Michielsen gebruikgemaakt van gegevens uit de Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA) van VU/VUmc.

DELEN
Vorig artikelNog steeds grootschalige ontbossing voor veevoer
Volgend artikel1 op de 7 werknemers heeft burn-outklachten
VU medisch centrum is één van de acht universitair medische centra (UMC) in Nederland.VU medisch centrum staat voor onderscheidende patiëntenzorg, hoogwaardig wetenschappelijk onderwijs en grensverleggend onderzoek. VU medisch centrum komt voort uit een christelijke traditie en koppelt geloof in persoonlijke, integere en respectvolle behandeling van mensen aan gezonde ambitie en fundamentele nieuwsgierigheid. VU medisch centrum wil beter maken, maar ook beter zijn, nog beter worden en bijdragen aan de medische kennis van morgen.

1 REACTIE

  1. Ik begrijp dit helemaal. Mijn man zit met hetzelfde en is ook nog militair en is recht lijn g. Prima zou je denken mar helaas niet helemaal. Ik heb adhd, mijn dochter adhd-nos, mijn zoon waarschijnlijk adhd en onze jongste zoon is afwachten. Wat denk je wat het voor hem moet zijn. Maar ook voor mij die zelf adhd net weet en nog niet mee om kan gaan en dan de kids ook nog. Soms giga drama hier thuis

LAAT EEN REACTIE ACHTER